Het echtpaar Bos betrok bijna 27 jaar geleden ‘Tuns’, een authentieke T-boerderij in Gelselaar. De naam is afkomstig van Teunis Welmers, de laatste boer die er tot omstreeks 1982 actief was. Het is een prominent pand op een opvallende plek. Gezien de cultuurhistorische waarde heeft het inmiddels het predicaat Rijksmonument. “Dat is handig omdat je ondersteuning en advies krijgt bij aanpassingen en onderhoud. En er zijn fiscale voordelen.” De oude glorie is op verschillende onderdelen al hersteld en er zijn tal van karakteristieke elementen bewaard gebleven. Grote verbouwingen bleven achterwege. “Er hangt een heel bijzondere sfeer. Dat is natuurlijk de charme van de boerderij”, benadrukt Christiane. “Het is een warm en gezellig huis met een verhaal, karakter en veel ruimte. ” Maarten knikt bevestigend. “Een zeer leefbaar museum, zo kun je het typeren. Mensen vinden het mooi. Sommige waren er al eens. Als ze dan rondkijken, komen herinneringen naar boven. Het is nog net als tientallen jaren geleden, zeggen ze dan. Maar het is wel een stuk comfortabeler geworden.” De locatie is eveneens een groot pluspunt. “De boerderij staat middenin het dorp, naast de kerk. Maar we wonen toch buiten, zo voelt het. Dat komt door de heerlijke tuin.”

 

Antieke tegeltjes

De Gelderse T-boerderij met een rijk gedetailleerde voorgevel werd na een grote brand in 1903 in 1905 herbouwd op de oude fundamenten. Niet alles is destijds door de vuurzee verloren gegaan. Wat nog bruikbaar was, werd weer toegepast. Daar zijn verschillende voorbeelden van. De antieke tegeltjes met typische Hollandse tafereeltjes rond de schouw in de eetkamer bijvoorbeeld zijn ruim 170 jaar oud. Ze zorgen voor een prachtige aanblik, ook vanwege het patroon. “Onder de kachel zit nog een originele vuurpot verzonken in een gietijzeren plaat”, vertelt de bewoonster. Dan wijst ze naar enkele haakjes aan de schouw. “Daaraan droogde men vroeger de was. En bovenin achter het luikje naast de afvoer werd koffie, thee en cacao droog bewaard. Leuk hè.” De gesloten woonkeuken beschikt over een Aga-cooker, een traditioneel gietijzeren fornuis. De vloer vormt een echte blikvanger. Het betreft een originele potscheurvloer met duizenden bonte klinkertjes, ook wel kanneschrotten genoemd. Je ziet ze nog zelden. Deze steentjes zijn van dezelfde klei gebakken als de Keulse potten. Doordat er een donkere rand is aangebracht, krijgt het de uitstraling van een kleed.

 

Bedstee

In de zitkamer bevinden zich twee voormalige bedsteden die nu een andere functie hebben. Het balkenplafond is nog origineel. Eén van de deuren vanuit de deftige kamer leidt naar een alkoof die uitkomt in de hal/deel. “De overledene kon zo rechtstreeks naar buiten worden gedragen en hoefde niet door de keuken.” Een markant onderdeel in de zitkamer is de tegelwand in Jugendstil. De lambrisering biedt weerstand tegen optrekkend vocht. De herkomst van de tegels is onbekend. “We hebben hiervoor het Tegelmuseum in Otterlo ingeschakeld, maar ook daar wisten ze helaas niet waar ze vandaan komen.” De bewoners hebben veel zelf opgeknapt en laten restaureren. Maar de sfeer van de oude boerderij bleef steeds behouden. “We hebben altijd rekening gehouden met de cultuurhistorische waarde. Je krijgt zo’n pand te leen, vinden we. Dan moet je er goed voor zorgen en doorgeven aan een volgende generatie.” Die tijd is nu aangebroken, want het huis staat te koop. “Nu de kinderen zijn uitgevlogen, is de boerderij te groot voor ons. We hebben hier heerlijk gewoond en hopen dat de toekomstige bewoners er net zoveel plezier aan beleven als wij.”

Klik hier om jouw puzzel in te sturen