Casper was na zijn scheiding op zoek naar een eigen woonruimte. “Ik kende deze industriële loods wel. Er had een loonwerker ingezeten en nu was het in gebruik als opslag voor bronbemaling. Toen ik er op een dag langs reed, waren ze net bezig het dak te saneren. De eigenaar zat buiten. ‘Wil je het misschien verkopen?’, vroeg ik hem. Daarna excuseerde ik me, want ik had me nog helemaal niet voorgesteld, haha.” De eigenaar van het pand werd overvallen door de vraag, maar nam de volgende dag al contact op met Casper. “Hij had er wel oren naar en ik was overtuigd van de potentie van de grote ruimte. Ik zou er mijn woning met bedrijfshal kunnen creëren.” Na overleg met de gemeente kwam er weer een woonbestemming op een deel van het pand en daarmee stonden alle lichten op groen. Een verbouwing volgde. Dat duurde slechts vier maanden, een prestatie van formaat. Het onderkomen kreeg een herkenbare stijl, oogt sfeervol en is ruimtelijk van opzet. “Welkom in mijn mancave”, zegt Casper terwijl hij uitnodigend de voordeur opent. Het contrast is groot. Aan de buitenkant verwacht je een bedrijfspand, maar je treft er juist een warm huiskamergevoel. Je kijkt er werkelijk je ogen uit, er valt van alles te zien. Toch is het geen bonte kermis. “De spullen passen bij elkaar. Het is in balans, dat schept rust”, aldus de creatieve beelddenker. Vier robuuste gegoten gietijzeren pilaren vormen de constructie. Ze zijn verwerkt door de plaatselijke aannemer. Casper vond ze in Frankrijk. Daar komt hij als handelaar, restaurateur van klassiekers en kunstverzamelaar regelmatig. “De pilaren zijn beeldbepalend, ze zijn afkomstig uit de chocoladefabriek in Lyon en dateren van het begin van het industriële tijdperk.” Een andere eyecatcher is een groene gietijzeren wenteltrap, sjiek en sierlijk tegelijk. De houtkachel heeft een centrale plaats, het is er een van speksteen die de warmte lang afgeeft. “Er is hier geen gasaansluiting, dus de kachel is de belangrijkste warmtebron. Ik zit er graag bij in mijn fauteuil. Met een goed boek of om te mediteren. Maar ik kan ook langdurig genieten van het vlammenspel, veel mooier dan wat er op televisie te zien is, haha.” Dan valt het oog op het plafond, waar verweerde golfplaten hangen. “Dat is toch veel beter dan gipsplaten”, lacht de bedenker. Andere bijzondere elementen zijn de emaille lampen, het gebruik van steigerhout, grote met de mond geblazen wijnflessen, fraaie schilderijen, de betonvloer, de niet afgestucte muur, een imperiaal als kledingrek en de gietijzeren ramen. “Het zijn allemaal onderdelen met een verhaal. Dat maakt het bijzonder. Niets is nieuw, het komt of uit Frankrijk of van de kringloopwinkel.” Het is duurzaam en het zorgt voor eigenheid en een knusse uitstraling. Dan is er nog de grote bedrijfshal, daar staan verschillende klassiekers opgesteld. En er staat nog iets bijzonders. Een opstelling van rolluiken met een spuitbus bespoten door Herman Brood. Het is het op één na grootste kunstwerk van Brood. Casper toont het echtheidscertificaat met als titel ‘just an ordinairy laundry day’. Al met al is de bewoner dik tevreden met zijn nieuwe onderkomen. “Ik voel me hier heel prettig en kan privé en werk prima combineren. Tegen de voorgevel ligt een anker van minstens 150 jaar. Die ligt er niet voor niets. Het geeft aan dat ik hier stevig verankerd ben en niet meer weg ga.”